vrouwelijke functieaanduidingen

Sommigen vinden dat vrouwen zichtbaarder moeten zijn in de taal en gebruiken de vrouwelijke beroepsnamen en functieaanduidingen. Daar is geen bezwaar tegen als het gaat om vertrouwde woorden als ‘voorzitster’ en ‘woordvoerster’.

Anderen vinden de vrouwelijke aanduidingen discriminerend. Ze verkiezen de mannelijke namen en beschouwen die als gemeenslachtig. Voor hen is een vrouw ‘directeur’ van de omroep.

We kunnen ‘voorzitster’, ‘assistente’ en andere gewone vrouwelijke namen gerust gebruiken. We kunnen beter niet opvallen door ongewone vormen als ‘ingenieure’ of ‘statistica’ in de mond te nemen.

Als er een vermoeden is dat het bij de betrokkene gevoelig ligt, is het raadzaam haar te vragen hoe ze genoemd wil worden.