Taaldag 2009 – Geen evolutie in taalgebruik

logo Taaldag 2009

Onlangs laaide de discussie over taalgebruik in fictiereeksen weer hoog op toen enkele kijkers van de serie ‘Los Zand’ protesteerden tegen de Brabantse tussentaal die de acteurs gebruikten. Sarah Van Hoof van het departement Taalkunde van Universiteit Antwerpen zegt dat er sinds de jaren 70 echter helemaal niet zoveel veranderd is in het gebruik van standaardtaal.

Volgens Sarah Van Hoof denkt de kijker dat er vroeger vaker Algemeen Nederlands gesproken werd in series. Toch gebruikten acteurs in 1980 veel variëteiten van het dialect of ze hanteerden mengvormen van standaardtaal en dialect. Daardoor was de gesproken taal niet helemaal authentiek. Zo spraken acteurs in ‘De Paradijsvogels’ een mengeling tussen AN en Oost-Vlaams. Bij ‘De Collega’s’ spraken de acteurs dan weer een tussentaal. Als er al standaardtaal gesproken werd, hoorde je het in hoogstaande culturele dramareeksen.

Sarah Van Hoof besluit dat er al bij al niet zoveel veranderd is in het taalgebruik in fictiereeksen. Acteurs spreken tegenwoordig namelijk in mindere mate dialect en tussentaal. Karel Hemmerechts, het boegbeeld van de openbare omroep, zei al in 1972 dat onze acteurs enkel naturel spreken in gewest- en tussentaal. Dat komt omdat fictiereeksen juist de realiteit willen weergeven, en in de realiteit spreken wij geen AN, tenzij in formele omstandigheden. Hemmerechts’ bedenking dook onlangs weer op.

Tot slot gaf Sarah Van Hoof nog een bedenking van Michaël Pas mee: “Moeten de seriemakers acteurs hun natuurlijk taalgebruik laten hanteren of hebben we nood aan fictiereeksen met een opvoedend taalgebruik?”

Laure Van Gestel, Sarah Verrees
Platijn Hogeschool