maat- en tijdsaanduidingen

De tijdsaanduidingen ‘uur’, ‘jaar’ en ‘kwartier’, maataanduidingen en munteenheden blijven in het enkelvoud na een bepaald hoofdtelwoord (behalve na ‘beide’) en na ‘hoeveel’, ‘zoveel’ en ‘een paar’.

  • vijf voet
  • dertig liter
  • twintig kilometer
  • duizend roebel
  • honderd dollar
  • hoeveel meter
  • zoveel hectare
  • een paar uur
  • zeven weken
  • een paar maanden
  • drie kwartier

De tijdsaanduidingen ‘uur’ en ‘jaar’ komen in het enkelvoud en in het meervoud voor na ‘een aantal’.

  • een aantal uur, een aantal uren
  • een aantal jaar, een aantal jaren

De maataanduiding ‘graad’ en de munteenheid ‘kroon’ krijgen wel de meervoudsvorm.

  • tien graden onder nul
  • vijf kronen

Na een meervoudig onbepaald telwoord komt altijd een meervoud.

  • honderden liters, meters
  • duizenden dollars, euro’s
  • tientallen centimeters, jaren
  • miljoenen kilometers

Als er een bijvoeglijk naamwoord op het telwoord volgt, staat de maat- of tijdsaanduiding in het meervoud.

  • Ik heb daar een paar mooie jaren meegemaakt.
  • Het waren twee bange uren.
  • We hebben drie vermoeiende kilometers achter de rug.