voornaamwoordelijke bijwoorden en scheidbare samengestelde werkwoorden

Scheidbare samengestelde werkwoorden zijn werkwoorden met als eerste lid een voorzetsel of een andere woordsoort.

  • uitgaan
  • opmaken
  • opzien

Scheidbare samengestelde werkwoorden kunnen gecombineerd worden met een vast voorzetsel of het daarbij horende voornaamwoordelijk bijwoord.

  • uitgaan van - ervan uitgaan
  • opmaken uit - eruit opmaken
  • opzien tegen - ertegen opzien

Het eerste lid van de infinitief wordt nooit aan het voorzetsel of het voornaamwoordelijke bijwoord vast gespeld.

Bij ‘uitgaan van’ krijgen we:

  • Ik ga uit van het principe dat …
  • Ik ga ervan uit dat …
  • ... omdat ik uitga van het principe dat …
  • ... omdat ik ervan uitga dat …
  • Ik ben uitgegaan van het principe dat …
  • Ik ben ervan uitgegaan dat …
  • Frontex gaat uit van de gedachte dat die rol weinig betekenisvol is.
  • Frontex gaat ervan uit dat die rol weinig betekenisvol is.