Taaldag 2013 - De verrekijker van de Nederlandse Taalunie

Geert Joris

Dames en heren, vrienden van het Nederlands,

Elk kind dat je een verrekijker in handen geeft, doet hetzelfde. Eerst kijkt het door de lens aan de ene kant, dan aan de andere kant. Kijk, hoe groot de wereld is! Kijk, hoe klein! Het zou dom zijn te zeggen: die ene is de goeie kant, die andere is de verkeerde. Er is bij een verrekijker geen verkeerde kant. Ik wil zelfs meer zeggen: iedereen zou geregeld zijn verrekijker moeten omkeren.

Dat is wat ik mijn collega’s bij de Nederlandse Taalunie heb gevraagd, toen ik daar begin dit jaar werd aangesteld als algemeen secretaris. Ik heb voorgesteld dat we ook eens naar onze organisatie zouden kijken door de grote lens, zodanig dat we onszelf van een afstand zouden zien. Op dat ogenblik kun je het best tot zelfbesef komen. Wat stellen we eigenlijk voor? Wat verwacht de wereld van ons? Wat is onze boodschap? En als je het antwoord op die vragen vindt – wat niet altijd een gemakkelijke oefening is – dan blijkt het antwoord soms verrassend eenvoudig te zijn. In ons geval hebben we de reden van ons bestaan kunnen samenvatten in een zin van drie woorden: taal schept kansen.

Daarna hebben we onze verrekijker omgekeerd. We zijn in detail gaan bekijken wat voor realiteiten zich allemaal afspelen achter die kleine woorden. Die blijken heel verscheiden te zijn. We kunnen wel zeggen dat de Taalunie het gebruik van het Nederlands mogelijk maakt en stimuleert, maar voor een student die naar de universiteit wil, betekent dat iets heel anders dan voor een kind van anderstalige ouders dat ineens naar een Nederlandstalige school wordt gestuurd. Als we zeggen dat de Taalunie het Nederlands wil borgen zodat het als een standaardtaal overeind blijft in een meertalige maatschappij, dan betekent dat niet alleen dat we de spelling vastleggen, en de geschiedenis van onze woordenschat en literatuur laten beschrijven, maar ook dat we corpora samenstellen en woordverzamelingen die we ter beschikking stellen van bedrijven die Nederlandstalige software op de markt brengen. Want we moeten ook aan de toekomst denken.

Die verscheidenheid in de taken van de Taalunie maakt het zo moeilijk om in een paar minuten uit te leggen wat ze doet en voor wie. Als u een antwoord wilt op die vragen, nodig ik u uit naar onze stand op de Boekenbeurs, nummer 415 in hal 4. Daar wordt het allemaal op een visuele en interactieve manier uitgelegd.

De Taaldag die nu halfweg is, is georganiseerd door de VRT en de Nederlandse Taalunie samen. Bij de voorbereidende gesprekken zochten we onder meer naar een visie die we allebei delen. ‘Taal schept kansen’ bleek toen ook een gemeenschappelijke noemer te zijn. Aan het begin van de middag heeft Sandra De Preter er al op gewezen dat taal een belangrijk werkinstrument is van de openbare omroep en dat emancipatie een van de doelstellingen is van die omroep. Ik kan daaraan toevoegen dat de Nederlandse Taalunie het als haar belangrijkste taak ziet iedereen te ondersteunen die met onze taal zijn kansen kan ontwikkelen. En ‘iedereen’ moet u ruim opvatten: we spreken niet alleen over mensen die hier geboren zijn, maar ook over buitenlanders, we spreken ook over maatschappelijke sectoren waar het om menselijke contacten, dus om taal gaat, we spreken ook over bedrijven die in taal investeren of taal zien als een werkinstrument.

De veelheid van doelgroepen en facetten die u ziet door de kleine lens van de verrekijker, hebben we vanmiddag kunnen ervaren in het eerste deel van ons programma, dat u hopelijk is bevallen. We hebben het gehad over de kansen die taal biedt op de arbeidsmarkt, over de taaleisen die hogescholen en universiteiten stellen aan hun eerstejaarsstudenten, over technieken om mensen met communicatieve stoornissen te helpen, over meertalige opvoeding en het belang van lezen op zeer jonge leeftijd. We hebben demonstraties gezien van software om mensen te helpen goed te worden in taal. Er waren workshops waar je kon ervaren wat het is om woordeloos door het leven te moeten gaan, en hoe je dan geholpen kunt worden met gebarentaal of met software die voor jou ontwikkeld werd.

Ik weet het, veel van de lezingen waren te kort. Het waren eerder vluchtige kennismakingen, maar we hopen dat ze indruk hebben gemaakt. U hebt ook niet alles kunnen volgen, u moest kiezen. Ik kan u beloven dat de Taalunie in de komende jaren wordt uitgebouwd tot een kenniscentrum voor taal, waar u informatie en advies kunt inwinnen over al deze zaken. En niet alleen een kenniscentrum, ook een actiecentrum. We hebben goed geluisterd naar de uiteenzetting van professor Lieve De Wachter en we kunnen hier nu aankondigen dat de Nederlandse Taalunie, met name de Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren, de kwestie van de taalvaardigheid en het taalgebruik in het hoger onderwijs, hoog op de agenda heeft staan en begin volgend jaar een advies hoopt uit te brengen bij de bevoegde instanties.

Nu rest mij nog de VRT te danken voor de aangename samenwerking. En natuurlijk ook dank te zeggen aan allen die bereid waren vandaag te komen vertellen over hun ervaring en specialiteit. Ik hoop dat de aanwezigheid van het publiek een stimulans is om door te gaan met hun werk. Hartelijk dank, dames en heren, en gefeliciteerd met de resultaten die u vandaag hier voor het publiek hebt gebracht.

Geachte aanwezigen,

Het is nog niet gedaan. Over een halfuurtje gaat deze Taaldag verder in de Boekenbeurs. Daar worden we verwacht om een glaasje te drinken, een hapje te eten, en dan begint het tweede deel, verzorgd door de VRT. U hebt het vast al gelezen: u kunt hier in primeur kennismaken met het nieuwe boekenprogramma van Canvas: ‘Man over boek’. De VRT is ook in zijn archief gaan kijken naar grappige fragmenten over taal. En de Grote Prijs Jan Wauters wordt uitgereikt.

Niemand is verplicht om mee te gaan, maar u zou echt iets missen als u deze kans liet schieten. Volg de hostessen, we moeten maar zo’n tweehonderd meter lopen, en we zien elkaar terug in de tent op de Boekenbeurs. Ik ben alvast heel nieuwsgierig en ik hoop u daar straks de hand te kunnen drukken.

Geert Joris,
algemeen secretaris Nederlandse Taalunie
5 november 2013