Studenten steeds minder geïnteresseerd in taalrichtingen

© Belga

Het aantal nieuwe inschrijvingen in taalrichtingen is ook dit academiejaar gedaald aan de UGent. Zowat 190 bachelorstudenten hebben in 2021-2022 voor Taal- en Letterkunde gekozen, terwijl die richting tien jaar geleden nog 413 nieuwe studenten telde. Amper 152 studenten hebben gekozen voor Toegepaste Taalkunde, het laagste cijfer ooit. Vooral Nederlands en Frans verliezen aan populariteit.

Jaar na jaar kiezen minder studenten voor taalrichtingen, en ook dit academiejaar zet die trend zich door. Dat blijkt uit de laatste inschrijvingscijfers van de UGent, die spreekt van een “onrustbarende trend”. Zowel in de Taal- en Letterkunde als in de Toegepaste Taalkunde is het aantal nieuwe inschrijvingen het voorbije decennium ruim gehalveerd.

“Ik kan enkel met bezorgdheid naar deze cijfers kijken”, zegt onderwijsdirecteur Kristoffel Demoen van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte. De daling is niet nieuw en ook andere Vlaamse universiteiten zien een gelijkaardige trend.

“De meertaligheid waar de Vlamingen jarenlang voor geprezen zijn, is aan het verminderen”, merkt Demoen op. “De Vlaamse jeugd spreekt liever en meer Engels dan vroeger. Maar de kennis van Frans en Duits gaat achteruit.”

“De status van talen in het middelbaar onderwijs is verminderd”, zegt de academicus. Een onterechte evolutie. “De leescapaciteit en de zorgvuldigheid van taalgebruik is in veel disciplines van cruciaal belang”, zegt hij. “Zorgvuldige taal weerspiegelt zorgvuldig denken.”

Ook de opkomst van sociale media en de verminderde taalhygiëne die daarmee gepaard gaat, speelt mogelijk een rol in de dalende interesse. “Het lezen van langere teksten - daarmee bedoel ik langer dan wat op een smartphone kan - lijkt achteruit te gaan”, aldus Demoen. “Het is een maatschappelijke tendens die we al zien in het lager onderwijs.”

Aan de Gentse faculteit verliezen vooral Frans en Nederlands aan populariteit. “Dat zal in Vlaanderen op korte termijn tot problemen leiden”, zegt Demoen. “Taalvakken worden vandaag al te vaak gegeven door mensen die daar eigenlijk het juiste diploma niet voor hebben. Dat zal nog toenemen.” De interesse in klassieke talen blijft stabiel.

Maar niet enkel in het onderwijs vraagt men om de kwalificaties die in taalrichtingen worden aangescherpt. Ook in de communicatiesector of in de vertaalwereld zijn ze nodig. “Onze afgestudeerden vinden vrij vlot werk. Het probleem is dus niet dat de studie niet tot nuttige beroepskwalificaties leidt”, zegt Demoen. “Dat is toch wel een paradox.”

Om de interesse in taalrichtingen te vergroten hoopt Demoen op een herwaardering in de scholen. Met lespakketten en een aanwezigheid in het onderwijs zouden bij jongeren enkele vooroordelen moeten sneuvelen. Het kan jongeren bijvoorbeeld helpen de link tussen taal en informatica te zien en kan de schijnbare tegenstelling tussen taal en STEM-richtingen doorbreken.