Stereotiepe opvattingen over chattaal kloppen niet helemaal

sms'ende jongere (foto: © AP)

De taal die Vlaamse tieners hanteren als ze chatten of sms’en, bevat minder spel- en tikfouten dan vaak wordt gedacht. De invloed van het Engels is wel aanzienlijk. Dat blijkt uit onderzoek van Benny De Decker van de Universiteit Antwerpen.

Voor zijn proefschrift bestudeerde De Decker spontane en informele chatconversaties van zowat 28.000 Vlaamse jongeren tussen 13 en 20 jaar op MSN/Skype, Facebook-chat en Netlog.

De Decker merkte dat nogal wat stereotiepe denkbeelden over chattaal niet kloppen. Leetspeak, waarbij cijfers de plaats van lettertekens innemen zoals in ‘w8’ en ‘suc6’, komen voor in niet meer dan 1 op 2000 woorden. Spellingen als ‘nix’ voor ‘niks’ komen ook weinig voor. In tegenstelling tot wat wordt gedacht zijn spel- en tikfouten relatief zeldzaam, met één op de vijftig woorden onbewust verkeerd gespeld.

“Daar staat wel tegenover dat Vlaamse tieners voor zowat een kwart van de woorden bewust van de standaardspelling afwijken, met de bedoeling spreektaal of regionaal taalgebruik in geschreven vorm om te zetten”, zegt De Decker.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat regiolecten zich ook vertalen in de sms- en chattaal. De onderzoeker trof sterke taalverschillen per regio en zelfs per chatter aan. Algemeen Vlaams bleken wel ‘gij’ in plaats van ‘jij’ en het weglaten van de eind-t in woorden zoals ‘dat’ of ‘niet’. Niettemin blijkt dat voornamelijk standaardtaal en tussentaal worden gebruikt, en in mindere mate dialect.

De Decker onderzocht ook de invloed van het Engels, die zoals verwacht groot is. In één op de acht berichten komt ten minste één woord uit het Engels, met voorop de woorden ‘nice’, ‘sucken’ en ‘dude’. Meestal gaat het om woorden uit de wereld van ICT, games en muziek, waar vaak geen Nederlands alternatief voor bestaat. Bovendien worden woorden soms ook vernederlandst, zoals de schrijfwijze ‘olraajt’ in plaats van ‘alright’ aantoont.

Volgens De Decker laat tienerchattaal zich het best omschrijven als een genre op zich, met inherent variabele variëteit, waarin elementen uit zowel standaardtaal, tussentaal, chatspeak (zoals de afkortingen ‘mss’ en ‘idd’) en Engels vloeiend gecombineerd worden.

“De aantrekkingskracht bestaat er vooral in dat jongeren naar hartenlust van de schools aandoende taalnormen kunnen afwijken, kunnen experimenteren met creatief en innovatief taalgebruik en zo het geschreven Nederlands sterk kunnen personaliseren. Chatten heeft dus absoluut een schrijftaalrevolutie teweeggebracht”, besluit De Decker.