Meertaligheid maakt je slimmer

'welkom' in verschillende talen

Meertaligheid is goed voor je brein. Een Canadees onderzoek met baby’s van nauwelijks zes maanden oud bewijst dat. Nog maar eens.

“Er zijn al langer indicaties dat tweetaligheid leidt tot een grotere intelligentie”, vertelt Wouter Duyck, psycholoog aan de universiteit van Gent. “In de wetenschappelijk literatuur heet dat zelfs het ‘tweetalig voordeel’. Toch ligt dat effect in sommige studies onder vuur.”

“Het Canadese onderzoek bevestigt dat effect wel. Men plaatste baby’s van nauwelijks zes maand oud in een oogbewegingsapparaat, waarmee men onderzoekt waar baby’s naar kijken. Vervolgens toonde men de baby’s prenten. Na een roze prent zou de volgende prent op de rechterkant van het scherm verschijnen. Met een blauwe prent gebeurde het omgekeerde. Baby’s die opgegroeid waren in een tweetalige omgeving, hadden sneller door wanneer de regels werden veranderd.”

Het opmerkelijke van dit onderzoek zit ’m natuurlijk in de leeftijd. Want de baby’s hebben nauwelijks gesproken, laat staan twee talen. Duyck: “De rijke stimulatie van opgroeien in een tweetalige omgeving zorgt dus voor een cognitieve fitness, waardoor het brein sneller in staat is om nieuwe regels op te pikken.”

“Dat is niet nieuw”, zegt Duyck. “Met eigen onderzoek toonden wij al aan dat meertalige ouderen vier jaar later de diagnose van alzheimer krijgen, dan de eentaligen. En vijfjarige kinderen die immersieonderwijs volgen, hebben ook een hoger IQ. Opnieuw dankzij de mentale fitness die meertaligheid is.”