Lieven

Ze begreep het niet, mijn klasgenootje in het tweede middelbaar. Waarom zeg je in het Frans niet ‘aimer de’? Het is toch ‘houden van’ en ‘van’ in het Frans is toch ‘de’? Waar is de logica? Het heeft lang geduurd eer haar frank (het kwartje) viel. Ik had het zelf zo nooit bekeken, maar zo gek was haar redenering niet. Ze dacht er toen alleen niet aan dat ‘houden’ in het Frans ‘tenir’ is en niet ‘aimer’. ‘Tenir de’. Had gekund.

Ik moest hier weer aan denken toen ik me onlangs verdiepte in de liefde. Of beter gezegd, in de manier waarop mensen elkaar in het Nederlands de liefde verklaren. We weten wel dat het ‘ik hou van jou’ is, maar dat die zin in Vlaanderen gereserveerd wordt voor liefdesliedjes en romantische poëzie vol rijmsels op -ouw. Wij zeggen zelf iets anders: ‘ik zie je graag’, of ‘ik zie u geren’ of iets in die aard. En daar wilde ik het fijne van weten.

Dus stelde ik een vragenlijst op over dat soort uitspraken, vroeg ik zoveel mogelijk mensen die in te vullen, verdiepte ik me in historische en moderne, oude en nieuwe woordenboeken en naslagwerken en bestudeerde ik de antwoorden die meer dan 200 mensen me hadden gestuurd. Heerlijk hoe voorspelbaar en tegelijk creatief, schattig en inspirerend mensen elkaar hun liefde verklaren.

En plots viel me iets op. Iets wat er niet was, ondanks al die creativiteit: de Nederlandse versie van ‘je t’aime’, ‘I love you’, ‘ich liebe dich’. Ik mis één enkel werkwoord waarmee we onze liefde kunnen uitdrukken. Dat hebben we in het Nederlands niet, en dat blijkt zelfs uniek in Europa.

hartje

Ik heb een steekproef gedaan: naast de drie die ik al noemde, zeggen Denen ‘jeg elsker dig’, de Spanjaarden ‘te amo’, de Italianen ‘ti amo’, de Polen ‘kocham cię’. Allemaal ‘(ik) werkwoord jou’. Helder. En wat doen wij? Wij combineren, in twee versies zelfs: ofwel het heel algemene ‘houden’ – 48 betekenissen in De Dikke Van Dale, alstublieft – met het voorzetsel ‘van’ of het bijna even algemene ‘zien’ – 23 betekenissen – met ‘graag’. Tja. Is beminnen dan niet exclusief genoeg?

Aha, hoor ik u denken, betrapt! We hebben wél een exclusief werkwoord: ‘beminnen’. Oh ja? ‘Bemin je mij?’ – ‘Ja, natuurlijk bemin ik je.’ – ‘Maar echt? Waarom zeg je dan nooit dat je me bemint?’ – enz. Dat zegt toch geen mens aan de keukentafel of in bed of waar dan ook tegen zijn partner. ‘Zie je me graag?’ – ‘Ja, natuurlijk zie ik je graag.’ – ‘Maar echt? Waarom zeg je dan nooit dat je me graag ziet?’ – enz. Ah, dat klinkt al herkenbaarder.

We hebben het dus niet, zo’n exclusief ‘lieven’-werkwoord. Ooit hadden we het wel: ‘minnen’, maar dat is al een paar eeuwen uit de mode. Het leeft wel nog verder in ‘minnaar’, ‘minnares’ en ‘X-minnend’. ‘Taalminnend’ bijvoorbeeld. En in ‘beminnen’, voor speciale, romantisch-poëtische gelegenheden.

‘Ik lief je.’ Eigenlijk klinkt dat niet slecht.

 

Miet Ooms is vaste columniste van vrttaal.net. Meer van haar staat op taalverhalen.be.