Laat ons ne keer te goei naar onszelf luisteren

affiche tussentaalcampagne

VRT. Taalsignaal voor 6 miljoen Vlamingen

Kwaliteit, dat is het kernwoord van de beheersovereenkomst. Kwaliteit in vorm, inhoud én taal.

We doen het al vrij goed. Duidelijk en aantrekkelijk is onze taal wel, maar correct is ze niet genoeg. Vooral in vlotte babbels komen we makkelijk - en meestal ongewild - terecht in tussentaal.

Wat is tussentaal? Tussentaal staat tussen dialect en standaardtaal, maar dichter bij het dialect. Tussentaal wijkt in uitspraak, woordkeus en zinsbouw opvallend af van de standaardtaal. Iedereen hoort en herkent de eigenaardigheden.

Tussentaal staat slordig. En dat terwijl verzorgd spreken niet veel moeite kost. In deze folder vind je de top-vijftien van de tussentaal: vijftien slordigheden in uitspraak en spraakkunst die je makkelijk kan vermijden. Doe het dan ook, want wat jij in de uitzending zegt, is een taalsignaal voor zes miljoen Vlamingen.

 

slordige uitspraak

ruukwiend, blèèven

Verzorg je uitspraak.

slotmedeklinker ontbreekt

da', wa', nie', mè', goe', ma'

Spreek de slotmedeklinkers uit, ook de k van frank. De slot-n spreek je meestal niet uit.

h ontbreekt

'elemaal, 'ebt, g'ad

Blaas de h aan, ook in het midden van een woord.

verkeerd lidwoord

de moment, het school, het stad, naar de voetbal gaan

Gebruik ook bij die veelvoorkomende woorden het juiste lidwoord.

lidwoord bij persoonsnaam

de Jan, den Bert

Persoonsnamen gebruik je zonder lidwoord.

ekik

Da' wist ekik nie'.

In de standaardtaal zeg je altijd ik.

hem (als onderwerp)

Morgen moet 'm gaan voetballen.

Hem is het lijdend of meewerkend voorwerp. Gebruik altijd hij als onderwerp.

gij

Kom-de-gij ook?

Gebruik je voor mensen die je met hun voornaam aanspreekt. Anders zeg je u, ook in het meervoud.

verbogen lidwoorden

ne jongen, nen boek, e secondje

Het onbepaalde lidwoord is altijd een.

verbogen voornaamwoorden

mijnen boek, hare jas, onzen auto, dienen hond

Voornaamwoorden worden niet verbogen. Alleen ons wordt soms onze.

verbogen bijvoeglijke naamwoorden

hare nieuwen auto, nen dikken boek

Aan het eind van een verbogen bijvoeglijk naamwoord staat alleen een e.

verkleinwoorden op -ke

meiske, boekske, bloemeke

Verkleinwoorden eindigen op -je.

gebiedende wijs met -t

werkt nog goe', zegt 't

De gebiedende wijs krijgt geen extra t, ook niet in het meervoud.

van of voor in plaats van om

We probeerden van op tijd te komen. Hij vroeg voor te gaan zwemmen.

Infinitiefzinnen beginnen met om. Soms kan om weg.

twee keer gaan

We gaan gaan zwemmen.

Schrap een van de twee gaan's.