Knoeselkloof

knoesel

Al gehoord van de knoeselkloof? Blijkbaar kennen alleen mensen die ouder zijn dan 40 de betekenis van het woord ‘knoesel’. Die indruk kreeg Radio 1 tenminste na een Facebook-poll. ‘Nieuwe feiten’ ging er dieper op in met professor Freek Van de Velde.

Knoeselonderzoek

Waarom kent een vijftiger het woord ‘knoesels’ wel nog en een twintiger niet? Het is geen exacte wetenschap. Er is immers nooit een ‘knoeselonderzoek’ gebeurd, reageert professor Freek Van de Velde (KU Leuven). “Er zijn geen enquêtes die zeggen waar de leeftijdsgrens met dat soort woorden precies ligt.”

Wel zijn er allerlei woorden die in onbruik raken, en daar is niets vreemds mee, zegt hij. “We moeten een onderscheid maken tussen woorden die uitsterven omdat het concept waarnaar verwezen wordt uitsterft: denk bijvoorbeeld aan ‘maliënkolder’ of ‘wambuis’. Maar er zijn ook woorden die uit onze taal verdwijnen zonder dat de realiteit verandert, zoals ‘knoesels’.”

Daarnaast heb je ook bepaalde dialectwoorden die verdwijnen omdat er nu eenmaal minder dialect gesproken wordt. ‘Knoesels’ is zo’n dialectwoord. Je hoort het woord ook vooral in het zuiden van het Nederlandstalig taalgebied. Nederlanders kennen het amper.

“Woorden verdwijnen sowieso”

“Woorden die we heel frequent gebruiken, blijven langer bij ons. Woorden die heel weinig gebruikt worden, hebben een grotere kans om verloren te gaan.”

Woorden verdwijnen sowieso, daar is geen houden aan, zegt Van de Velde. Dat hoeven we ook niet te betreuren. Er komen ook weer nieuwe woorden bij.

Maar wat zijn knoesels nu? Geen vingerkootjes of stekelbessen. Maar wel het uitsteeksel aan beide kanten van de enkel: een soort ‘knoest’ van je been.

Freek Van de Velde
Freek Van de Velde