Geen regering? Allemaal de schuld van de Romeinen

De moeizame federale regeringsonderhandelingen blijven kampen met de communautaire verschillen in België. De eisen van de twee landsdelen met hun verschillende talen zijn nog steeds moeilijk verenigbaar. En dan te bedenken dat het allemaal begon in de Gallo-Romeinse tijd.

Zou het anders geweest zijn, als België geen taalgrens zou hebben gehad? Als dit land aan de Noordzee niet zou zijn veroverd door de Romeinen? In de eerste eeuw voor Christus vestigden de Romeinen een rijk tussen de Rijn en de Noordzee. Gallië werd de naam van de provincie die de oppervlakte van het huidige België beslaat. De Romeinse heersers onderwierpen de streek en drongen de Romeinse cultuur op. Het Latijn werd de taal van de macht, een soort volkslatijn vermengde zich tegelijk met de lokale dialecten van de bevolking.

De heirbaan werd taalgrens

Een essentiële rol ging de befaamde heirbaan tussen Keulen en Boulogne spelen, de eerste verharde weg in deze streken. De baan die langs Doornik, Kortrijk en Tongeren liep zou het begin worden van de latere taalgrens. Archeologen bedachten er later de naam ‘Via Belgica’ voor. Van bij het begin van de derde eeuw begon het Romeinse rijk te wankelen. Germaanse stammen staken de Rijn over, drongen door tot aan de Noordzee en lieten zich vooral gelden in het land rond de Schelde en de Maas.

De echte machtswissel kwam er in de vijfde eeuw. De Germanen veroverden definitief de streken boven de Romeinse heirbaan. Frankische stammen trokken vooral naar beneden, namen de macht over ten zuiden van de oude verkeersweg en ook de Romeinse cultuur. Hun taal vermengde zich met het volkslatijn dat de Romeinen hadden achtergelaten. Een mix van Germaanse dialecten en de Oudfrankische taal hield stand in het noorden en groeide uit tot het Middelnederlands of Diets.

Bourgondiërs maken er een sociale grens van

In 2012 ging historica en auteur Brigitte Raskin op zoek naar de oorsprong van de taalgrens in het boek ‘De taalgrens, of wat de Belgen zowel verbindt als verdeelt’. In ‘De wereld vandaag’ op Radio 1 onderstreept ze nog een belangrijk aspect van de scheidingslijn: “Boven de heirbaan was het een beetje niemandsland: aan de ene kant het zand van de Kempen en aan de andere kant de modderige regio aan de Noordzee. Onder de heirbaan was het gras bij wijze van spreken groener, dus vruchtbaarder. De vooral Frankische bevolking die er zich op dat moment vestigde, was anders dan het volk dat in het noorden bleef.”

Deze ontwikkeling heeft een cruciale rol gespeeld in het ontstaan van de latere taalgrens. De huidige taalgrens loopt immers in grote lijnen samen met de heirbaan die de Romeinen van oost naar west trokken. Historici situeren in de veertiende eeuw echter nog een belangrijke fase.

De geografische taalgrens werd ook een sociale taalgrens. Daarvoor zorgden de Bourgondiërs. De Bourgondische hertogen maakten het Frans tot de taal van de elite. Ook in de volgende eeuwen, wanneer de Habsburgers en later Napoleon de lakens uitdeelden, bleven de hogere leidende kringen Franstalig. Brigitte Raskin: “Eigenlijk is dit de echte splijtzwam. De kiemen van de onvrede groeiden onder de Bourgondiërs. Dit was het begin van de strijd tussen elite en volk. De Belgische taalstrijd van later ging veel meer om het afbreken van deze sociale grens, zeker op Vlaams grondgebied.”

“Niet de taal verdeelt, wel macht en geld”

Het zou duren tot het einde van de negentiende eeuw voor de eerste taalwet het Nederlands in onderwijs en bestuur in beperkte mate officialiseerde. In opeenvolgende fases zou het land gestructureerd en geherstructureerd worden rond de taalgrens. “Toen men de huidige taalgrens definitief vastlegde, zag men pas goed dat het ongeveer dezelfde grens was als die in een verre tijd”, besluit Brigitte Raskin. “Maar de tegenstellingen van vandaag hebben al veel minder te maken met taal. België is een complexe en hybride staat geworden. Niet de taal verdeelt, wel macht en geld.”