Eigenlijk

vrouw met hoofdpijn

Mijn stukje over ‘letterlijk’ van vorige week heeft een emotionele ontlading bij een lezer teweeggebracht.

Stopwoorden dienen – nu heb ik me moeten inhouden om niet ‘letterlijk’ te typen – om de gaten in een zin te stoppen, dicht te maken. We gebruiken ze om onze woorden meer gewicht te geven of om te verbergen dat we nog even aan het nadenken zijn over wat we willen zeggen. Ze hebben dus wel degelijk een functie, al dragen ze niets bij tot de betekenis. Waarschijnlijk daarom jagen ze sommige toehoorders de kast op.

Mijn vrouw is zo’n eigenlijk-zegger. Niet als we het over alledaagse dingen hebben, dat niet. Maar o wee als ze het door de telefoon met een collega over een werkonderwerp heeft. Ik heb het eens geteld: op vier keer ‘eigenlijk’ per minuut ben ik uitgekomen. Mijn vrouw is ook een fervent gebruiker van ‘ik heb zoiets van’. En ze is beslist niet de enige.

Nu hoef je natuurlijk niet krampachtig elk ‘eigenlijk’ uit je teksten te schrappen. Maar misschien kun je het wel eens door iets anders vervangen. Wat dacht je van ‘au fond’, ‘in de kern van de zaak’, ‘in de grond van de zaak’, ‘in feite’? Want eigenlijk feitelijk, geef toe, ik bedoel maar: trop is te veel, he? Toch?