Coronataal

woordenboek (foto: © GettyImages)

In deze coronatijden houden sommige mensen er een coronawoordenboek op na. Veel nieuwe woorden duiken op tijdens een nieuwe crisis. Ruud Hendrickx, taalraadsman van de VRT en hoofdredacteur van Van Dale, het Groot Woordenboek van de Nederlandse taal, legt uit wat zo’n nieuwe, onbestaande crisis doet met onze taal.

Het coronawoordenboek

“Het coronawoordenboek wordt bijgehouden door Ton den Boon. Hij is de Nederlandse hoofdredacteur van de Dikke van Dale. Hij is het gewend om de Nederlandse ontwikkeling in de taal bij te houden. Vandaag doet hij dat online met het coronawoordenboek”, legt Ruud Hendrickx uit.

“In dat woordenboek staan al meer dan driehonderd woorden. Dat zijn er heel veel. Ook een aantal bestaande woorden staan erin, zoals ‘aansteken’ (besmetten). Maar natuurlijk ook een heleboel nieuwe woorden die bestaan uit het woord ‘corona’ en iets erachter: corona-angst, corona-aanval, … Zo heb je er tientallen. Daarnaast zijn er ook nog een aantal andere woorden: thuisquarantaine, zelfisolatie, triagepunt, triagetent … Dat zijn nieuwe dingen die plots vaak te horen zijn”, gaat Ruud Hendrickx verder.

Blijvende woorden

“Niet al deze woorden komen uiteindelijk in het woordenboek terecht”, gaat Ruud Hendrickx verder. “Een groot deel zal verdwijnen wanneer de crisis verdwijnt. We weten niet hoelang dat zal duren. Een aantal andere woorden zullen wél blijven. Het woord ‘coronacrisis’ zelf zal natuurlijk blijven bestaan. Misschien ook wel het woord ‘zelfisolatie’, omdat dat natuurlijk ook nog wel kan terugkomen. Er zijn een heleboel woorden die nu belangrijk zijn omdat we ze nu nodig hebben, maar die waarschijnlijk weer zullen verdwijnen zodra het probleem opgelost is.”

social distancing
Kunstenaar Yvan De Vos heeft de standbeeldengroep ‘Den Avondklap’ in Parike aangepast aan coronatijden. (foto: © Radio 2)

Engelse woorden

Er zijn ook heel wat Engelse, nieuwe woorden bij gekomen: lockdownparty, social distancing … Ruud Hendrickx heeft er alle begrip voor dat deze termen opduiken: “De mensen die met de crisis bezig zijn, zoals onze politici, onze virologen en andere wetenschappers, werken in een internationale context. Dan is het makkelijk om één woord te hebben dat overal gebruikt wordt. Het wordt moeilijker als wij, als openbare omroep, erover moeten praten. Wij zouden onze luisteraars duidelijk moeten kunnen uitleggen wat en hoe. Dat is met zo’n Engelse term vervelend.”

“Maar het is moeilijk om een goed Nederlands woord te vinden dat exact hetzelfde wil zeggen. Lockdown? Ik heb nog geen mooi voorstel gevonden, gehoord of gelezen om dat met één woord weer te geven in het Nederlands”, zegt Ruud Hendrickx. “Het is vaak ook moeilijk om er één woord op te plakken. Bijvoorbeeld bij ‘social distancing’. Dat betekent: blijf in je kot én blijf ver weg van anderen. Je kan hier misschien ‘sociale distantie’ van maken, maar dat klinkt ook niet erg goed. Gelukkig zeggen we de laatste tijd gewoon ‘hou afstand!’, daar komt het uiteindelijk op neer”, besluit hij.