CLIL voor leerlingen met autisme

De middelbare school Impuls in Oostakker gaat vanaf volgend jaar lessen zoals aardrijkskunde en geschiedenis in een vreemde taal aanbieden. Het bijzondere is dat de school lesgeeft aan leerlingen met autisme. Ook voor hen is het leren van een vak in een andere taal heel waardevol, want zo kunnen ze die taal veel sneller onder de knie krijgen en durven ze die ook te spreken.

School Impuls is een school binnen het GO!-onderwijs. Ze is de eerste middelbare school binnen het buitengewoon onderwijs in Oost-Vlaanderen die de CLIL-methode (Content and Language Integrated Learning) zal aanbieden. Die methode wordt al in het gewone middelbaar onderwijs toegepast, maar blijkt ook waardevol voor leerlingen in het buso. School Impuls is een kleinschalige middelbare school die enkel lesgeeft aan leerlingen met een autisme­spectrum­stoornis.

Autisme

De leerlingen op de school hebben autisme, maar zijn normaal begaafd en volgen lessen volgens het gewone leerplan. Maar door hun autisme volgen ze wel een individueel traject binnen de school. Sommigen zitten in het aso, anderen in het bso of tso.

“We willen de methode aanbieden aan alle leerlingen van het 1e tot en met het 6e middelbaar. We gaan bepaalde lessen in het Frans en in het Engels geven”, legt adjunct-directeur Arne Lobbens uit. “Het gaat om tien vakken, bijvoorbeeld geschiedenis, aardrijkskunde en economie.”

Vrije keuze

De school polste vooraf of er interesse was bij de leerlingen en de leerkrachten zelf. “Bij een steekproef bleek dat meer dan de helft van de leerlingen het zag zitten.” De school laat de leerlingen een proeflesje volgen om de methode te leren kennen.

De leerlingen kunnen daarna zelf beslissen: “Ze kunnen kiezen om het vak in het Nederlands, in het Engels of in het Frans te volgen.” De leerkrachten beschikken ook allemaal over een C1-taalcertificaat, het op één na hoogste niveau in het Europese talenonderwijs.

leraren
foto: ©  reynaertschool.be

Moeilijker in een andere taal?

Een vak in een andere taal aanbieden, is dat moeilijker voor de leerlingen? “Zeker niet”, zegt Lobbens. “Uit onderzoek blijkt dat de resultaten van de leerlingen hetzelfde zijn na een jaar, alleen zijn ze taalkundig veel sterker geworden.”

Het onderwijs wordt vaak aangeboden volgens een hokjesmentaliteit, vindt hij: “Frans wordt aangeleerd tijdens de les Frans, Engels tijdens de les Engels. En daarbuiten voelt het niet natuurlijk aan om een andere taal te spreken. Dankzij de CLIL-methode kunnen we dat doorbreken en hopen we dat de leerlingen vreemde talen zullen durven spreken. Het is voor niemand evident om over te schakelen naar een andere taal, maar als je autisme hebt, is dat nog iets moeilijker.”

Verder studeren en sneller werk vinden

De school hoopt dat de methode de leerlingen zal helpen met het oog op de toekomst. “Onze school ligt in Oostakker, dicht bij Gent, waar de universiteit en de hogescholen zijn om verder te studeren. We liggen ook dicht bij de haven, een ideaal gebied om later een job te vinden. Dus vlot Engels of Frans kunnen spreken komt dan goed van pas.”

Nieuwe campus

Door in te zetten op deze bijzondere manier van lesgeven krijgt de school aanvragen om meer leerlingen te huisvesten. Vanaf volgend jaar opent er dan ook een tweede vestiging in Drongen. “We zijn verdubbeld van 100 naar 200 leerlingen. Maar omdat we niet te veel leerlingen in eenzelfde vestiging willen, om de rust voor hen te garanderen, gaan we een nieuwe school openen.” De lessen die gegeven zullen worden volgens de CLIL-methode starten vanaf volgend schooljaar.