Citétaal razend populair

De Genkse citétaal, bekend van onder andere het personage Smos uit “Safety first”, wordt meer en meer buiten Limburg gesproken. Ook in Vlaams-Brabant, Antwerpen en zelfs Oost-Vlaanderen nemen jongeren de taal of bepaalde uitspraken over. Dat blijkt uit een onderzoek van Stefania Marzo (KU Leuven).

Tien jaar lang heeft Stefania Marzo verschillende taalvarianten onderzocht. “Het gaat om verschillende taalvariëteiten die lijken op de Genkse citétaal. Zo’n taalvariëteit groeit op plekken waar veel mensen met verschillende nationaliteiten samenwonen”, verduidelijkt Marzo. “Die ontwikkelen dan hun eigen omgangstaal. Tegenwoordig worden zulke talen vooral gebruikt door jongeren.”

De citétaal is ontstaan in de mijncités in Limburg, waar gastarbeiders in de mijnen kwamen werken. Turken, Italianen, Marokkanen, Spanjaarden en Grieken leefden daar onder elkaar in kleine getto’s. Maar ook lokale Vlaamse mijnwerkers woonden daar.

“Die eerste generatie gastarbeiders spraken nog geen Nederlands, en snelcursussen bestonden er toen nog niet”, vertelt Marzo. “Daarom is er een soort voertaal ontstaan om goed met elkaar te kunnen communiceren. De tweede en derde generatie hebben dat vreemde taaltje dan verder ontwikkeld, een beetje op speelse wijze. Zo is het de citétaal geworden.”

Ondertussen wordt de Genkse citétaal al lang niet meer enkel in Genk gesproken. “In heel Limburg is het populair onder de jongeren”, vertelt de onderzoekster. “Maar ook in Vlaams-Brabant, Antwerpen en zelfs Oost-Vlaanderen worden bepaalde uitspraken overgenomen: “de meisje” en “viesch stijl”, bijvoorbeeld.”

Dat de taal zich zo verspreid heeft, vindt Marzo heel normaal. “Jongeren nemen taal snel van elkaar over, bijvoorbeeld omdat ze bij een groep willen horen. Ook sociale media en bekende personen die de taal gebruiken, werken dat in de hand. Smos bijvoorbeeld, een personage uit het televisieprogramma “Safety First”, gebruikt de Genkse citétaal en heeft de taal heel populair gemaakt.”

Volgens de onderzoekster hoeven we ons daar geen zorgen over te maken. “Men is vaak bang dat zulke taalvariëteiten de standaardtaal zullen overnemen en de talenkennis van de samenleving doet verloederen, maar dat is niet zo.”