Vaarwel met een vers

Benedikte Van Eeghem

Stijn De Paepe is niet meer. De laatste maanden van zijn leven waren de ‘kroniek van een aangekondigde dood’, zoals dat in literaire termen heet. Maar literatuur verzacht weinig als een rotkanker in een lichaam woedt. De realiteit bijt, het verlies na de dood snijdt. We zijn ’m kwijt.

Stijn dichtte al sinds 2016 ononderbroken, met ‘dagverzen’ in De Morgen. Hij was taalkunstenaar pur sang, wist de woorden te kiezen, de toon te zetten. Laten we dat maar grootmeesterschap noemen: dat je in luttele lijnen een gevoel kunt omarmen en harten verwarmen.

Ik ontmoette Stijn en cours de route twee keer. De laatste keer was tijdens de Heerlijk Helderdag van 2019. Hij mocht als gelegenheidspoëet in De Schelp, diep in de buik van het Vlaams Parlement, zijn beste dichtersbeentje voorzetten. Hij luistervinkte, keek, vatte debatten en al wat was gezegd in wervelende dichtregels samen. Zo werd die studiedag een taalfeest, een momentum om duimen en vingers bij af te likken. En wat het strafste was: dichten leek Stijn geen enkele moeite te kosten.

Hij schreef en declameerde met ongeziene souplesse. Hij verhief ook daar, in Brussel, de taal tot het hoogste goed. Kan het anders, als je het vak om den brode doceert? Nederlands was voor De Paepe geen fait divers. Het was zijn professionele levensadem, zijn raison d’être, zijn visitekaartje vol schoonheid.

Maar we zijn ’m kwijt. Ik vraag mezelf gedurig af: hoe neem je afscheid van zo’n talent? Hoe zeg je ‘adieu’ aan iemand die geen ontdekkingen deed of Nobelprijzen scoorde, maar toch de realiteit in versregels vatte? Die deed wat anderen niet kunnen en het gevoel gaf dat hij enkel voor jou schreef?

Als bescheiden taalminnaar probeer ik het heel voorzichtig. Ik zeg vaarwel met een vers, omdat Stijn u, mij en elk van ons nabij is geweest. Omdat hij toverde met wat ons echt verbindt: de taal.

Dit is voor jou, Stijn. En bedankt voor alles.

Kijk eens

Er staan boeken en bundels vol geschreven
over Caesar en Churchill, Curie en Van Gogh:
beroemd na hun dood, nog meer dan bij leven.
Ze zijn iconisch, vermaard, bejubeld, en toch….

Al leidden ze veldslagen als geëerde strategen,
maakten ze tableaux vivants met verf en penseel,
zaten ze om geen ontdekking verlegen,
jij deed nog iets beters, zonder letters te veel.

Wat jij ons hebt geschonken, dat is hoe je schreef:
de woorden, de cadans, niet min, niet meer.
Zelfs al zijn we je kwijt en doet de leegte zo’n zeer,
je gedichten vertellen eeuwig: kijk eens… ik leef.

Benedikte Van Eeghem