De gebruikelijke verleden tijd van zeggen is zei(den).
Alleen in ouderwets en formeel taalgebruik komt zegde(n) nog voor.
In samenstellingen en afleidingen als toezeggen en ontzeggen heeft zegde de voorkeur.
Volgens Taaladvies.net is zegde(n) standaardtaal in Belgiƫ, maar het is veel frequenter dan zei(den).