0 ... 9 | A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |
kaap
Kaapstad
kabinet
Kaboel
kader
kaderen*
kadet / cadet
kalender
Kalmthout
kamer van inbeschuldigingstelling
Kampala
Kampen
Kampenhout
Kanaaleilanden
kandidatuur (zijn - stellen)*
kant / zijde
Kanton
kantoor
kanttekeningen
Kapelle-op-den-Bos
Kapellen
Kaprijke
Karinthië
Karpaten
kassei
kassierster
Kastilië
kat (een kat een kat noemen)
kat (zijn kat sturen)
katheder / katheter
Kathmandu
Katwijk
Kaukasus
KBAB
KBVB
KBWB
keer / maal
keer
Keerbergen
keirin
Kempen
Kempens / Kempisch
kenbaar maken
kennen
keren
Kerkrade
kerrie / curry
kers (de - op de taart)
Kessel-Lo
ketting (werk aan de - )
Keulen
keus / keuze
keyboard / toetsenbord
Khartoem
kiesbrief*
kiescampagne*
kiesomschrijving*
Kiev
kiezen / stemmen
Kigali
kijven
kindergeld
kinderkribbe*
kindertuin
kindsoldaat
kineast* / cineast
kinesist / kinesitherapeut
Kingston
Kinrooi
Kinshasa
klacht neerleggen*
klagen
klank / geluid
klant / cliënt
Klara - hij of zij?
klasseren
kleding / kledij
Kleef
klein (van kleins af aan)
kleutertuin*
klieven / kloven
kliniek / hospitaal / ziekenhuis
klissen
KLM
kloeg(en)*
klonen / kloneren
kloven / klieven
Kluisbergen
KMI
Knesselare
kniptang / knijptang / nijptang
KNMI
Knokke
Koekelare
Koekelberg
Koerdistan
Koersel
koersfiets
koerspaard*
koffer
Koksijde
komaf (ergens - mee maken)
Komen
komen te
komma voor een bijzin
kompaan
konsoorten*
Kontich
kooldioxide / koolstofdioxide
koolmonoxide / koolstofmonoxide
kop (van kop tot teen)
kop / hoofd
Kopenhagen
kopers
kopie / kopij
koptelefoon / hoofdtelefoon
Korinthe
Koror
korps / corps
kortelings
Kortemark
Kortenaken
Kortenberg
Kortessem
Kortrijk
kost wat kost*
kost
kostelijk
kou ( - hebben)*
Kraainem
kraam
kraantjeswater*
kredietkaart / creditcard
Kreta
kribbe / crèche
Krim
krimpen / ruimen
Krimpen aan den IJssel
kritiek / kritisch
Kruibeke
kruiden / specerijen
Kruishoutem
kruislicht*
Kuala Lumpur
kuisen
kuisvrouw* / poetsvrouw*
kunnen - kan / kunt
kunnen
Kuurne
kwaad (van - naar / tot erger)
kwakkel
kwalificeren / kwalifiëren
kwantificeren / kwantifiëren*
kweken / fokken / telen
kwetsen
kwijtspelen*
kwintessens
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

kiezen / stemmen

Bij de verkiezingen moeten we gaan stemmen. In de praktijk is de keuze tussen kies-, stem- en verkiezing- in een samenstelling niet altijd duidelijk:

  • kiesarrondissement
  • kiesdistrict
  • kiesdrempel
  • kiesgedrag / stemgedrag
  • kiesgerechtigd / stemgerechtigd
  • kieskanton
  • kieskring
  • kieslijst / verkiezingslijst
  • kieslokaal / stemlokaal
  • kiesman
  • kiesplicht / stemplicht
  • kiesrecht / stemrecht
  • kiesregister
  • kiesstelsel
  • kieswet
  • stemadvies
  • stembevoegdheid
  • stembiljet
  • stembureau
  • stembus
  • stembusakkoord
  • stembusgang
  • stembusnederlaag
  • stembuspropaganda
  • stemdag
  • stemdistrict
  • stemhokje
  • stemmachine
  • stemmenaantal
  • stemmenoverschot
  • stemmenwinst
  • stemopnemer
  • stemvolmacht
  • verkiezingsaffiche
  • verkiezingsbelofte
  • verkiezingscampagne
  • verkiezingsdag
  • verkiezingsdebat
  • verkiezingslijst
  • verkiezingsmanifestatie
  • verkiezingsoverwinning
  • verkiezingsnederlaag
  • verkiezingspropaganda
  • verkiezingsstrijd
  • verkiezingsstunt
  • verkiezingstoespraak