0 ... 9 | A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |
jaar / jaren
Jabbeke
jachtluipaard
jacquet
jagen
Jakarta
Jamestown
jap
jaren / jaar
jaren dertig / dertiger jaren
jaren nul
Java
je kan / je kunt
je zal / je zult
Jeruzalem
Jette
jeugdwerking*
jij / u
job
job (on the -)
joeg(en)
joie de vivre
joint venture
jongste / laatste
jongstleden / laatstleden
journaille
judo
juffrouw / mevrouw
jullie ... je / zich*
jullie / u
junkfood
juridisch vervolgen*
justificeren / justifiëren
justitie / gerecht
justitiepaleis*
Jutland
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

je kan / je kunt

Je kan en je kunt zijn allebei correct, maar het gebruik verschilt: je kan is informeler dan je kunt. Voor een directe aanspreking heeft je kunt de voorkeur. Hetzelfde geldt voor u kan / u kunt.

  • Je kunt me de hele dag op kantoor bereiken.
  • U kunt me bellen als u me nog nodig hebt.

Als je in de zin van 'men' gebruikt wordt, kan je je kan gebruiken, zoals in deze zin.


Dezelfde opmerking geldt voor je zal / je zult.